Geschiedenis van LSD

Gepubliceerd op:
Categorie: BlogPsychedelica

Geschiedenis van LSD

Acid beleefde in de jaren 60 en 70 zijn hoogtepunt en het wordt tegenwoordig nog steeds wereldwijd gebruikt. De drug werd in 1943 op miraculeuze wijze geboren, per ongeluk en door toedoen van een Zwit

Albert Hofmann: de vader van LSD

Acid beleefde in de jaren 60 en 70 zijn hoogtepunt en het wordt tegenwoordig nog steeds wereldwijd gebruikt. De drug werd in 1943 op miraculeuze wijze geboren, per ongeluk en door toedoen van een Zwitser genaamd Albert Hofmann.

In de jaren 30 legden wetenschappers aan het Rockefeller Instituut in New York de laatste hand aan de publicatie die de grondslag zou vormen van Hofmanns latere onderzoek. Ze extraheerden en isoleerde de belangrijkste psychoactieve component van ergot.

De chemische geschiedenis van LSD is ontsproten uit een natuurlijke stof genaamd lysergeenzuuramide, of LSA. LSA komt van nature voor in ergot en in de zaadjes van planten uit de windefamilie, ook bekend als morning glory. LSA heeft een lange geschiedenis met mensen en er is een spoor gevonden dat leidt naar het religieuze en spirituele gebruik door inheemse Amerikanen in 1941 in het gebied dat nu Mexico heet.

Hofmann werkte destijds voor een groot farmacologisch bedrijf genaamd Sandoz. Hij deed onderzoek naar de klinische voordelen van het gebruik van de Claviceps purpurea schimmel (moederkoorn), een soort van ergot, en de chemicaliën die het produceerde. Deze schimmel wordt gewoonlijk aangetroffen groeiende op oud, beschimmeld roggebrood. (Opmerkelijk: Veel dokters begonnen rond 1800 ergot en zijn derivaten uit te bannen omdat het door vrouwen gebruikt werd om weeën op te wekken. De dokters beweerden dat deze stof tijdens de bevalling te hevige samentrekkingen kon veroorzaken, waardoor het kind gewond of zelfs gedood kon worden. Het wordt echter nog steeds geaccepteerd als behandelmethode om na de bevalling het excessieve bloeden tegen te gaan.)

Hofmann begon zijn onderzoek met het produceren van derivaten en op lyserginezuur gelijkende stoffen uit de ergotschimmel die hij in zijn laboratorium had groeien. Sommige derivaten leken veelbelovende hulpmiddelen te zijn voor patiënten met een hoge bloeddruk. Andere, zo ontdekte hij, konden behulpzaam zijn bij de executieve functies van de hersenen van oudere patiënten.

Hofmann noemde het 25ste derivaat dat hij creëerde LSD-25. Het was lysergeenzuurdiethylamide. Hij kwam erachter dat de stof de potentie had om mensen te helpen met problemen met hun ademhalingssysteem en bloedsomloop. Maar hofmann kwam niet met concrete tests of bewijs aanzetten om aan te tonen dat hij een klinisch levensvatbare (en belangrijker nog: winstgevende) drug had uitgevonden. Sandoz liet dus het onderzoeksproject stilzetten en Hofmann stopte met zijn werk.

Vijf jaar later was het 1943.

Hofmann bleef maar terugdenken aan de mysterieuze stof die hij als laatste gesynthetiseerd had. LSD-25 was anders; het was van medicinale waarde, hoe dan ook.

Op 16 april keerde hij dus terug naar zijn laboratorium. Hij haalde de bekers, testbuizen, slangen, oogbescherming … hij haalde eigenlijk alles tevoorschijn wat hij nodig had om direct en ter plekke LSD-25 te synthetiseren. Hij ging snel te werk en eindigde met een mooie hoeveelheid bijna pure LSD.

Maar opeens voelde Hofmann zich licht in zijn hoofd en duizelig, hij wist het niet precies. Het voelde niet per se ongemakkelijk aan, maar hij wilde ook niet dat het erger zou worden. Hij ging dus niet verder met het onderzoeken van de stof; in plaats daarvan stopte hij die dag wat eerder met werken, meldde zich ziek en ging naar huis.

Hofmann parkeerde zijn auto, stapte uit, liep naar zijn voordeur, deed hem open, ging naar binnen en legde zich neer. Dit deed hij allemaal in een tijdsbestek dat aanvoelde als een half uur. Hij voelde zich gewichtloos op de bank liggen en ook zijn gedachten voelden gewichtloos en vrij. Het was een dromerige, surreële sensatie.

Toen kwamen de patronen. Het was een intens vertoon van complexe, dynamische, geometrische vormen gerangschikt in constant veranderende patronen.

Beelden verschenen, eerst als in een droom, maar dan wel levendig, levensecht en reëel. Hij wist niet of hij was uitgedroogd of dat zijn brein te weinig zuurstof kreeg en hij aan het hallucineren was als symptoom van hypoxia, of wat dan ook.

Maar de effecten verdwenen snel. Na enkele uren voelde hij zich fysiek en mentaal zo alsof het hele gebeuren nooit had plaatsgevonden. Hij dacht na over de opeenvolging van gebeurtenissen en kwam tot de conclusie dat hij per ongeluk een stukje LSD-25 op zijn vinger had gekregen en dat dit door zijn huid was opgenomen (hij moet overigens met zijn vinger wel zijn mond hebben aangeraakt of op andere wijze de LSD in zijn lichaam hebben gekregen, want LSD wordt niet goed genoeg door de huid opgenomen om merkbare effecten teweeg te brengen, hoewel dat wel mogelijk is met behulp van het oplosmiddel DMSO).

Toen besloot Hofmann om nog meer in te nemen. Toen hij de volgende dag klaar was met werken, mat hij 250 microgram LSD-25 af (een miljoenste van een gram; 250 microgram is ongeveer een vierde milligram). Eerder op de dag had hij berekend dat dat ongeveer de hoeveelheid was die merkbare effecten kon veroorzaken.

De intensiteit waarmee de LSD insloeg ging ver voorbij aan al zijn verwachtingen.

Voor anderen leek het in eerste instantie alsof Hofmann gewoon had ‘uitgecheckt’ en het contact met de realiteit was verloren. Hij begon wartaal uit te slaan en het lukte hem nog maar net om voldoende zinnige woorden te produceren om zijn laboratoriumassistenten mede te delen dat ze de bedrijfsarts moesten bellen, daarna verloor hij het vermogen om samenhangende lettergrepen uit te spreken.

Toen gebeurde hetzelfde als de vorige keer, maar deze keer gebeurde het eerder en verliep alles veel sneller; de kleuren, patronen en beelden kwamen op hem af. De droomlandschappen waren nog levensechter en levendiger dan de vorige keer; het was alsof hij een innerlijke wereld aan het ontdekken was die volledig in zijn geest was opgebouwd.

Hij zag fantastische omgevingen met planten en dieren die hij nog nooit gezien had. Hij verloor zijn gevoel van zijn eigen zelf en dreef door een constante stroom van beelden en gedachten en vergaapte zich aan de schoonheid van het landschap om hem heen. Hofmann kon niet anders dan bewondering hebben voor de goddelijkheid van de gehele ervaring, hoewel hij tegelijkertijd wel de neiging moest onderdrukken om alles los te laten en in paniek te raken.

Hij begon zich door deze beproeving ernstige zorgen te maken. Hij wist niet of hij gek was geworden. Hij was er niet zeker van of deze vreemde, veranderde staat van bewustzijn weg zou ebben, net als de vorige keer, of dat hij voor altijd in deze staat zou verkeren. Maar de dokter kon niets vinden dat niet in de haak was. Geen negatieve resultaten. Zijn bloeddruk was normaal, zijn hartslag in rust was normaal en zijn ademhaling was in orde. De dokter zag wel dat Hofmanns pupillen verwijd waren; er was dus een fysieke aanwijzing dat hij een werkzame stof had genomen.

Maar net als de vorige keer verdwenen de effecten en binnen een paar uur bevond Hofmann zich weer in een normale toestand.

Hij informeerde Sandoz direct over zijn bevindingen (Hofmann keurde de volgende gebeurtenissen overigens niet per se goed) en Sandoz stelde een aantal teams samen om het effect van de stof in verschillende doseringen op verschillende dieren te testen. Na een aantal tests die succesvol aantoonden dat LSD weinig permanente bijwerkingen had, kreeg Sandoz toestemming om de drug op verschillende universiteiten en medische instituten te verspreiden; daar zouden dan de effecten van LSD getest worden op vrijwillige patiënten, zowel gezonde als zieke. Ook deze resultaten ondersteunden de eerder gedane bevindingen. Sandoz vierde feest.

Het bedrijf vroeg een patent aan voor lysergeenzuurdiethylamide en kreeg dat ook. In 1947 begonnen ze LSD als een voorschreven drug in tabletten van 25 microgram te verkopen aan apotheken en brachten ze het onder de naam Delysid als ‘analytische psychotherapiedrug’ op de markt. Sandoz adviseerde zelfs psychiaters die LSD voorschreven aan hun patiënten om de drug zelf een of twee keer te proberen, zodat ze “hun patiënten beter konden begrijpen”.

In 1949 schreven psychiaters van het Boston Psychotropische Ziekenhuis inmiddels vrij vaak LSD voor aan hun patiënten. In 1960 was de drug al wijdverspreid in de geneeskunde en overal ter wereld brachten onderzoeksteams verslag na verslag uit over de verschillende potentiële toepassingen op verschillende gebieden en bij patiënten met allerlei soorten aandoeningen. Acid had vaste voet aan de grond gekregen als populaire recreatieve drug en de tegencultuur, die zich destijds ontwikkelde, zou al snel de drug omarmen als een van haar belangrijkste onderdelen. Sandoz was in 1966 gestopt met de productie van LSD; de productie lag nu in handen van de overgebleven farmacologische bedrijven, die daar toestemming voor hadden gekregen van de overheid, en de toekomstige, kleine, ondergrondse syntheselaboratoria, die de hele industrie overnamen toen de drug op 24 oktober 1986 geclassificeerd werd als illegale drug.

LSD had inmiddels al haar plekje veroverd als effectief klinisch middel en als buitengewone drug met verlichtende effecten; de drug was er en zou niet meer verdwijnen. En vandaag de dag worden er wereldwijd nog steeds onderzoeken gedaan en worden er steeds meer toepassingen ontdekt.