Product toegevoegd aan winkelmandje
Afrekenen

Vervelende Beestjes En Insecten

Elke kweker van cannabis is verwikkeld in een koude oorlog met allerlei kruipend ongedierte. Of je het nu leuk vindt of niet, het is de plicht van de kweker om uit het heetst van de strijd te blijven. Maar zelfs met de beste wil van de wereld en preventieve maatregelen, kan een plant nog steeds worden belaagd door kevers en insecten. Er zijn heel wat potentiële bedreigingen waarvoor je op je hoede moet zijn. Gewapend met de kennis uit deze gids, ben je in staat om je cannabis planten te beschermen. Of het nu gaat om een zwerm rouwmuggen, tripsen of witte vliegen, wij hebben de middelen ter bestrijding en eenvoudig, praktisch advies om je te helpen. Welkom in de wiet oorlog. Als je dit leest, hoor je bij het verzet.

De Griezelige En Akelige Vijanden Van Cannabis

Cicaden (Empoasca decipiens)

Empoasca decipiens

Schade en identificatie

De zomer is de periode waarin je problemen kunt krijgen met cicaden (Empoasca decipiens). Cicaden zijn herkenbaar aan hun lichtgroene kleur. In sommige gevallen kunnen ze schade toebrengen aan de bladeren of de toppen van je planten, door sap uit het mesofyl van de plant (het zachte weefsel onder de opperhuid dat verantwoordelijk is voor de fotosynthese) te zuigen.

Hierdoor ontstaan er rijen van vlekjes op de bladeren, bloemen en vruchten. Dit vermindert de kwaliteit van het product. In het geval van een ernstige plaag zullen grote delen van het blad verkleuren en zelfs afsterven. De plant veroudert hierdoor sneller. Sommige cicaden dragen virussen en mycoplasma bacteriën met zich mee of scheiden giftige stoffen af die vervormingen van de plant tot gevolg kunnen hebben.

Levenscyclus

In een glazen kas zal één enkele generatie afhankelijk van de temperatuur binnen vier of vijf weken de volwassenheid bereiken. Cicaden kennen in hun levenscyclus een ei-stadium, vijf nimf-fasen en een volwassen stadium. De volwassen insecten zijn twee tot drie mm lang en bij vele soorten zijn ze groen van kleur. Een vrouwelijke cicade kan in haar leven tot wel 50 eitjes leggen. Deze zijn wit, niervormig en ongeveer 0,6 mm lang. Ze worden gelegd in het weefsel van bladnerven en stengels, waar het blote oog ze niet kan zien.

Bij een temperatuur van 15°C en een luchtvochtigheid tussen 65-75% duurt het ongeveer 28 dagen voordat de eitjes uitkomen. Bij een temperatuur van 20°C duurt dat nog slechts 15 dagen en bij 24°C nog maar 11 dagen. De nimfen zijn lichter van kleur dan de volwassen cicaden en in iedere daaropvolgende nimf-fase tekenen de vleugels zich steeds duidelijker af.

De hoogst beweeglijke nimf heeft een interessante manier van voortbewegen: diagonaal. De nimf-fase van de Empoasca decipiens duurt 37, 19 of 15 dagen bij respectievelijk 15, 20 en 24°C.

Het bestrijden van cicaden

Er bestaan momenteel alleen chemische methoden om cicaden te bestrijden. Met financiële steun van het Nederlandse Productschap Tuinbouw is de Landbouwuniversiteit in Wageningen in 2005 begonnen met onderzoek naar het effect van cicaden op bloemen die in kassen groeien. Ze ontdekten dat de Empoasca decipiens in deze omgeving de meest voorkomende cicade is.

De onderzoekers onderzochten in gesloten laboratoriumomstandigheden hoe andere dieren op cicaden jagen. Zowel de nimfen als de volwassen cicaden waren zeer mobiel en moeilijk te vangen. Uit het onderzoek bleek dat de parasitaire wesp Anagrus atomus in staat is om zich in een glazen kas voort te planten.

De wesp wist zich echter niet in die mate voor te planten dat gesproken kon worden van een parasitaire plaag, en de mogelijkheden om deze wespen als effectieve, biologische pesticiden in te zetten, lijken dan ook beperkt te zijn.

De neonicotinoïden imidacloprid (Admire), thiacloprid (Calypso), thiamethoxam (Actara) en acetamiprid (Gazelle) zijn zeer effectief in de strijd tegen cicaden, net als de oxaziadine indoxacarb (Steward). Dit anti-rups middel is een selectiever en daarom veiliger middel tegen natuurlijke plagen dan de neonicotinoïden.

Meikever

meikever

In West-Europa hebben we ongeveer 3800 keversoorten. Een aantal van deze zijn behoorlijk lastig, waaronder de meikever (ook bekend als de 'mulder' of 'molenaar'). Deze parasiet uit het Melolonthageslacht heeft een matzwarte kleur en lichte (gele) vlekjes. Meikevers zijn ongeveer 1 cm lang en hebben antennes op hun vooruitstekende kop. Hun schild heeft in de lengterichting groeven.

De kevers zijn meestal 's nachts actief en laten hoekige bijtafdrukken achter op de randen van bladeren. De meikever kan niet vliegen, maar kan wel zeer goed kruipen en klimmen: hij kan 's nachts vele meters de hoogte in klimmen. In het eindstadium is de larve 10-14 mm lang, vuilwit tot crèmekleurig met een roodbruine kop. Het lichaam is vaak licht gekromd (C-vormig).

Eigenschappen

  • meestal 's nachts actief
  • als ze het gevoel hebben dat ze zijn opgemerkt, blijven ze stokstijf staan
  • ze beginnen aan de rand van het blad naar binnen toe te eten
  • de larven kunnen in de grond gevonden worden tot een diepte van 10 cm waar ze zich voeden met plantenwortels

Bestrijding

Kevers zorgen voor erg veel overlast. Chemische bestrijdingsmiddelen doden vaak niet alleen de kever, maar ook andere, nuttige insecten. Met behulp van parasitaire rondwormen kunnen de larven op een biologische manier bestreden worden. Andere natuurlijke vijanden van de meikever zijn onder andere: verschillende kevers, kikkers/padden en krielhoenen. De voornaamste vijanden van de larve zijn: verschillende schimmels, rondwormen, bacteriën en, alweer, kippen.

Mineervliegen

Mineervliegen

Er zijn drie varianten mineervliegen die over het algemeen in staat zijn een plaag te worden: de tomaat mineervlieg (Liriomyza bryoniae), de florida mineervlieg (Liriomyza trifolii) en de graan mineervlieg (Liriomyza huidobrensis). Onder natuurlijke omstandigheden worden hun larven worden onder controle gehouden door zwaar parasitisme van verschillende soorten. Maar problemen met de mineervlieg zijn toegenomen door het uitgebreide gebruik van breed-spectrum bestrijdingsmiddelen: hun natuurlijke vijanden worden gedood en de mineervliegen worden resistent tegen het overmatige gebruik van deze sprays.

Levenscyclus

Mineervliegen hebben de volgende waarneembare ontwikkelingsstadia: het ei-stadium, drie larvale stadia, een popstadium en een volwassen stadium. De volwassen mineervliegen zijn kleine, gele vliegen met een zwarte tekening. De larven graven in de bladeren van de plant. De verpopping vindt plaats onder de grond.

Tekenen van beschadiging

Larven graven letterlijk 'mijnen' in de plant, waardoor de bladeren uitdrogen en voortijdig vallen, daarnaast is er ook cosmetische schade. Zo blad verliezen kan ook gevolgen hebben voor de opbrengst van de plant. Speldenprikken gemaakt door voedende vrouwelijke volwassenen kunnen ook leiden tot cosmetische schade. Schimmels of bacteriën kunnen in deze stip-achtige wonden gaan en indirecte schade veroorzaken.

Varenrouwmuggen

Varenrouwmuggen

Varenrouwmuggen zijn leden van de Sciaridea familie. Het zijn kleine (3-5 mm), donkere, mugachtige vliegen met lange, slanke voelsprieten en lange poten. Met name de larve van de varenrouwmug kan grote schade aanrichten.

Biologie

Fungas gnats houden erg van warme en vochtige omgevingen in de buurt van planten. Ze kunnen ook een heel jaar overleven in een kas.

Na het paren leggen de vrouwtjes 50-200 eieren die binnen 2-3 uitkomen. De larven gaan in een periode van 2-3 weken door 4 stadia heen. Aan het eind van het laatste stadium zijn ze ongeveer 5 mm lang, doorschijnend wit en hebben ze een waarneembare, zwarte kop.

De larven verpoppen zich in de grond en komen drie dagen later tevoorschijn als volwassen muggen. Als de temperatuur boven de 24° C ligt, planten ze zich continu en snel voort, met een levenscyclus van 3-4 weken. De larven voeden zich niet alleen met dood organisch materiaal, zoals schimmels en algen, maar ook met levend materiaal, zoals wortels en stengels. Ze boren zich in de wortels en/of stengels van stekjes, zaailingen en jonge planten. Door de schade die zij veroorzaken wanneer ze zich voeden, wordt de plant vatbaar voor een aantal secundaire infecties, zoals Pithium, Phytophtora, Botrytis, Fusarium en Verticillium.

Herkenning

  • Grootte: 2-3 mm
  • Geen duidelijk te onderscheiden ogen
  • Voelsprieten zonder vertakkingen
  • Langgerekt lichaam onderverdeeld in: kop, breed middenstuk, smal geribbeld buikgedeelte
  • Bruinzwarte lichaamskleur

NB: Let op de karakteristieke patronen op de vleugels

Schade

De larven kunnen directe schade veroorzaken door aan de wortels en stengels te knagen – ze kunnen er zelfs dwars doorheen boren. Indirecte schade wordt veroorzaakt doordat ze nematoden, mijten, schimmelsporen en virussen verspreiden.

Bestrijding

  • Verwijder al het dood, organisch materiaal en gebruik compost van goede kwaliteit.
  • Hypoaspis miles: De onder de grond levende roofmijt Hypoaspis miles is een specialist in het opruimen van de larven van de Varenrouwmug.
  • Atheta coriaria: De roofkever Atheta coriaria is een extreem vraatzuchtige en efficiënte vijand van de Varenrouwmug.
  • Steinernema-Systeem: Het Steinernema-Systeem (maakt gebruik van nematoden) kan succesvol worden ingezet tegen de Varenrouwmug.
  • Nematoden: Rondwormen of nematoden dringen binnen in de eitjes en de larven van de Varenrouwmug om zich voort te planten.

Rupsen

Rups

Een rups is de larve van een vlinder. Rupsen zijn over het algemeen onopvallende wezens, maar sommige soorten spelen een grote rol in menselijke aangelegenheden en zijn zeer bekend, voorbeelden zijn de zijderups (de rups van de zijde mot) en de eiken processie mot (Thaumethopea processionea, een plaag die eikenbomen aanvalt) .

Rupsen zijn ook een belangrijk element in de ecosystemen, niet alleen verwijderen ze een grote hoeveelheid van plantaardig materiaal, ze zijn ook prooi voor een grote verscheidenheid aan dieren, van vogels tot wespen.

Rupsen zijn snelle groeiers die een enorme hoeveelheid voedsel wegwerken. Ze hebben een karakteristieke lichaamsconstructie die weinig gelijkenis vertoont met de larven van andere insecten soorten. Rupsen hebben vele ingenieuze technieken voor het vermijden van de klauwen van roofdieren en sommige technieken kunnen ook voor mensen een heel gedoe zijn (en voor onze geliefde planten).

Schaderapport

Gekrulde bladeren of bladeren met geknabbelde gaten. Vraatschade door rupsen komt vooral voor in de late zomer en de herfst, maar de laatste jaren komen rupsenplagen opvallend meer en meer voor in het begin van het groeiseizoen.

Bestrijding

Er is een scala van methoden en producten voor het effectief omgaan met rupsen. Rupsen hebben de neiging zich in het blad op te krullen. Een enkele rups kan gemakkelijk met de hand worden verwijderd. Maar als je een echte plaag hebt, kan je gebruik maken van de bacterie Bacillus thuringiensis om de rupsen te bestrijden. Deze bacterie interfereert met de absorptie van voedsel door de rups, waardoor deze niet meer eet en sterft.

Gebruik Decis: spray wanneer de temperatuur boven de 15 ° Celsius en is wanneer er de komende zes uur geen regen wordt verwacht, bij voorkeur als het windstil is. Doorweek de planten van boven naar beneden. Voer na 10 dagen een controle uit. Als er nog steeds rupsen zijn, herhaal de behandeling. Productnaam: Decis (niet te verwarren met Confidor) 10ml/15 liter water.

Slakken & Naaktslakken

Slakken & Naaktslakken

Er zijn twee fundamentele soorten van slijmerige, knabbelende wezens: de naaktslak en de slak met zijn huisje. Deze twee soorten kunnen verder worden onderverdeeld, maar het voegt niets toe aan hetgeen waar onze interesse naar uit gaat. Voor de toepassing van dit artikel zullen we verwijzen naar "slakken" voor beide varianten, tenzij een soort in het bijzonder bedoeld wordt.

Slakken zijn nuttige dieren: ze ruimen gevallen bladeren op en verwerken deze voor hergebruik, waardoor ze een essentieel onderdeel zijn van het proces van humusvorming van de aarde. Helaas voor de cannabis kweker zijn slakken ook de grootste vijand van de cannabis plant. Hoewel beide soorten slakken ervan zullen genieten om je planten te decimeren, veroorzaakt de naaktslak de grootste schade. Voor de zekerheid kan je huisjes slakken ook gewoon met de hand verwijderen.

Beide soorten bewegen door het maken van golvende spiersamentrekkingen en een speciale soort slijm om zich verticaal te kunnen verplaatsen. Hierdoor kunnen ze lang vast blijven zitten en de effecten van zwaartekracht lang tegengaan.

Slakken en reproductie

Naaktslakken reproduceren zichzelf, in hun eentje. Na de bevruchting leggen slakken hun eieren in een gat in de grond, onder een steen, in een spleet in de aarde of een stuk hout, of in een composthoop. Daarom is het zeker een goed advies om je wiet niet te planten in de buurt van een composthoop.

De eieren komen uit na de winter, als ze de vorst overleven, en ze zullen snel beginnen met het zoeken naar voedsel. Dus zorg ervoor dat jouw planten niet de eerste lekkere snack zijn die ze zien.

Schade door slakken diagnosticeren

De meest prominente van de slak aanval is de aanwezigheid van slijm paden. Verder zal je zien dat hele delen van je blad bedekking zijn opgegeten, tot net boven de grond. Niet-opgegeten bladeren worden soms gebruikt als een 'ontsnappingsroute' voor de kleine ellendelingen.

Het voorkomen van en het omgaan met slak aanvallen

Er zijn een aantal verschillende stoffen voor gebruik tegen slak aanval.

  • Koffiedik: strooi rond je planten: dit vertroebelt hun slijmspoor, waardoor slakken terughoudend zijn erover te kruipen.
  • Houtskool: strooi rond je planten: belemmert ook het slijmspoor en rommelt met de vochtbalans van de slak, waardoor ze het risico lopen te sterven op de houtskool.
  • Slakkenkorrels: strooi rond (kies de organische!)
  • Bier barrière: begraaf een bierglas in de grond, de rand wat uitstekend, doe er een laagje bier in. Vervang het bier dagelijks.
  • Maak een barrière van koper: baken je tuin ermee, plak koperband op je potten, maak een koperen cirkel rond je pot.
  • Strooi zout op slakken: niet erg diervriendelijk, ze zullen geleidelijk door uitdroging sterven!

Last gehad van een slak aanval?

Je hoeft nu niets te doen. Laat de plant gewoon staan om zichzelf te herstellen. Je kunt bovenstaande methoden toepassen, handmatig de slakken verwijderen of, als de schade te ernstig is, proberen een stekje van je plant te nemen en dit te klonen.

Spintmijten

Spintmijten

Spint (rode spintmijten): een vervelend en bijna onzichtbaar ongedierte.

Zeker onder de tuinliefhebbers is een 'spint plaag' een steeds terugkerende ergernis. Preventie is een effectief wapen tegen wat in het Nederlands spint wordt genoemd, een handiger naam de uit het Engels vertaalde rode spintmijt (dus we gebruiken beide namen hier). Hoe dan ook, voorkom dat dit minuscule ongedierte een poot op uw planten zet.

Spint herkennen

Spint zijn plantaardige parasieten die meestal tussen 0,2 en 0,5 mm lang worden. Er zijn vele soorten mijten en, in tegenstelling tot insecten, hebben ze acht poten die opvallend naar de voor-en achterkant wijzen. Ze hebben een peervormig, geel-groen, bruinig of rood lichaam. Spint mijten gedijen in een warme, droge omgeving en in het bijzonder de aandacht vestigen op planten die onder stress staan en verzwakt zijn vanwege uitdroging. Ze doorboren de celwand van toppen, bloemen en vruchten en zuigen ze droog. Hierdoor zijn deze cellen niet meer in staat tot het opnemen van voldoende voedingsstoffen, met onvermijdelijke resultaten.

Symptomen van spint

Spint mijten vermenigvuldigen zich snel in warm en droog weer. In een enkel jaar zijn tot negen generaties mogelijk en elk vrouwtje kan ongeveer 80 eieren leggen. De parasieten overleven de winter als eieren, als volwassenen verborgen in de aarde of in de spleten in de schors. Meestal zul je eerst de symptomen herkennen voordat de eigenlijke besmetting plaats vindt. De eerste tekenen zijn klein: zilverachtige of gele spikkels op de bovenzijde van het blad. Met een ernstige aantasting kunnen webben een gehele plant bedekken.

Spint preventie

Preventie is de beste remedie. Dus houd om te beginnen je planten en hun omgeving een beetje vochtig. Als je een besmetting ontdekt, verwijder de aangetaste delen zo snel mogelijk. Spoel vervolgens de plant grondig af met een oplossing van spiritus en zeepsop. Herhaal deze behandeling een paar keer per week.

Als je na een paar weken nog steeds last hebt van de besmetting, dan is je beste optie het aanbrengen van en stof op basis van natuurlijke pyrethrum. Wees echter voorzichtig met deze middelen, ze zijn ook schadelijk voor de mens als je het binnenkrijgt of in contact laat komen met een open wond. Waar je ook rekening mee moet houden is, dat je vanwege de snelle opeenvolging van generaties, ook te maken kan krijgen met resistentie. Dat wil zeggen dat je waarschijnlijk een andere stof moet proberen als het niet lukt de spint mijten uit te roeien na een aantal applicaties. Bovendien hebben de meeste insecticiden geen effect op de eieren.

We kunnen er ook voor kiezen om een biologische vijand te gebruiken, zoals diverse roofmijten en insecten, lieveheersbeestjes en gaasvliegen.

Tripsen

TripsTripsen zijn erg klein (1mm in diameter) en kunnen niet erg goed vliegen, hoewel ze met behulp van thermiek en wind in groten getale op zeer grote hoogtes aangetroffen kunnen worden. Onder optimale omstandigheden kunnen tripsen zich in die mate voortplanten en vermenigvuldigen dat ze niet meer als gewoon vervelend, maar als een plaag worden gezien die bestreden moet worden.

Dit beestje heeft monddelen waarmee hij kan steken en zuigen en die hij gebruikt om cellen te doorboren en leeg te zuigen; hierdoor sterft de cel af. In tegenstelling tot luizen spuiten ze geen giftige vloeistoffen de cel in, maar ze vullen deze wel met lucht. Na een poosje krijgt de plant een grijs, uitgedroogd voorkomen omdat zijn cellen worden leeggezogen. Deze insecten kunnen zich erg gemakkelijk verplaatsen en daardoor zijn ze in staat binnen een korte tijdspanne behoorlijk wat schade aan te richten.

De tripsen leggen hun eitjes in het bladweefsel en na 8 dagen komen ze uit. De jonge larven zijn wit van kleur en leven in groepen. In een later stadium van hun levenscyclus verspreiden ze zich over het hele blad. Na 14 dagen beginnen ze te verpoppen.

De meest voorkomende soorten tripsen zijn de gestreepte kastrips (Parthenothrips dracanae) en de tabaktripsen (Thrips tabaci). De Californische trips is met name moeilijk te bestrijden vanwege zijn goede resistentie tegen verschillende soorten insecticiden. Californische trips worden meestal gevonden in broeikassen, maar in de zomer kunnen ze buiten ook problemen veroorzaken. Het is echter niet bekend of ze de Europese winters ook buiten kunnen overleven. De Californische trips verpopt zich over het algemeen onder de grond of in beschutte plekken, maar soms ook op bladeren of in bloemen. Hun levenscyclus duurt 2 tot 3 weken als de temperatuur tussen de 20-30?C ligt. De Californische trips is een drager van TSWV (Tomatenbronsvlekkenvirus), dat verschillende planten aantast, waaronder chrysanten en amarylissen.

Eigenschappen van de Californische trips

  • Ongeveer 1,3-1,4 mm groot
  • Volwassen trips zijn geel tot oranje van kleur
  • Volwassen trips worden meestal aangetroffen in de bovenste delen van de plant
  • Hun voelsproeten bestaan uit acht segmenten (dit kun je met een vergrootglas zien)
  • Bloemknoppen en groeischeuten kunnen ernstig misvormd raken
  • Als de plant toppen of bloemen heeft, kan de trips stuifmeel daarop overbrengen
  • Verpopping geschiedt doorgaans ondergronds
  • Gaat niet in diapauze (ontwikkelingsstilstand tijdens ongunstige omstandigheden)
  • Kan virusinfecties overbrengen

Het bestrijden van tripsen

Het is om te beginnen van belang dat je het vochtgehalte opvoert tot 75-80%, want dan zal de plaag zich in ieder geval langzamer verspreiden; de trips houdt niet van hoge vochtgehaltes. Dit alleen is nog niet voldoende om van je critters af te komen. Maar je plant wassen met een oplossing van zachte vloeibare zeep (20 g/l) en 10 cm³ spiritus is wel een eenvoudige remedie. Als dit niet het gewenste resultaat oplevert, kunnen de volgende technieken misschien helpen:

Als je een biologische methode wilt proberen, kun je misschien de roofwants gebruiken. Je kunt deze bij gespecialiseerde bedrijven kopen. Ze voeden zich met tripsen en mijten. Deze zijn het meest effectief:

  • Amblyseius cucumeris: een lichtbruine, zeer beweeglijke roofmijt die zich bij een hoge luchtvochtigheid en een temperatuur van rond de 25?C erg op zijn gemak voelt. De cyclus van ei naar volwassenheid duurt 8-11 dagen. Deze roofmijt leeft 18-21 dagen en overvalt de tripsen wanneer ze zich in het larvestadium bevinden en zuigt ze dan leeg. Daarom is het ook de moeite waard om deze roofmijten als preventieve maatregel bij elke plaag en/of elke nieuwe plant los te laten – het wordt je zelfs van harte aanbevolen.
  • Amblyseius degenerans: een roofmijt die iets groter is dan zijn ‘zusje’ Cucumeris. De Degenerans is beweeglijker, minder gevoelig voor temperatuur en gedijt beter bij een lager vochtgehalte. De Degenerans komt vaker dan de Cucumeris in toppen voor en vangt tripsen op dezelfde manier als de Cucumeris. Vanwege zijn grotere beweeglijkheid, lagere gevoeligheid voor temperatuur en luchtvochtigheid, en zijn vermogen om zich in de bloem/top te verbergen, is de Degenerans iets succesvoller/effectiever dan de Cucumeris, vooral bij lage vochtgehaltes. Het nadeel is dat de Degenerans moeilijker te kweken is en daarom ook duurder en niet altijd verkrijgbaar.
  • Orius laevigatus: een snelle, donkerbruine roofwants, 1-3 mm groot met karakteristieke rode ogen. De cyclus van ei naar volwassenheid duurt 2-3 weken; de volwassen wants leeft 3-4 weken. De snelheid van deze cyclus en van hun levensduur hangt af van de temperatuur. Samen met de Degenerans of Cucumeris is Orius in staat om de tripspopulatie op een acceptabel peil te houden of ze zelfs volledig uit te roeien. Het wordt ten zeerste aanbevolen om de Orius los te laten zodra je de eerste tekenen van trips waarneemt. Als er geen trips meer zijn om op te jagen, zal de Orius ook andere insecten in de kweekruimte eten, zoals de rode spinmijt, bladluis en witte vlieg. Daar komt nog bij dat de Orius de enige natuurlijke vijand is die behalve de larven ook de volwassen tripsen aanvalt. De Orius zuigt zijn slachtoffer droog en is een vraatzuchtige en agressieve jager die erom bekend staat dat hij op een prooi jaagt zonder hem daarna op te eten.
  • Chrysopa carnea: een gaasvliegje; de larve van dit beestje is een uiterst agressieve jager in de ‘zuig-‘m-droog’ stijl. Deze larven zijn zeer actief gedurende 12-13 dagen en binnen deze tijd kunnen ze de insectenplaag waar ze op jagen (witte vlieg, tripsen en bladluizen) behoorlijk decimeren. Hoewel de Carnea minder achter tripsen aanjaagt en vooral gebruikt wordt om bladluispopulaties in de hand te houden, worden de larven van de gaasvliegsoort vaak ook toegepast, want de Carnea is uitermate goed bestand tegen schommelingen van de temperatuur en de luchtvochtigheid. Het preventief loslaten van deze gaasvlieg heeft echter geen zin. Laat ze alleen los wanneer een plaag zichtbaar is, want de larven zijn erg beweeglijk en gaan er gewoon vandoor als je ze niet in de buurt van een prooipopulatie loslaat.

Witte Vlieg

Witte vlieg is de naam gegeven aan een verscheidenheid van bug-achtige insecten die behoren tot de Aleyrodidae familie. Het zijn kleine leden van de Hemiptera familie (wantsen) die zich voeden aan de onderzijde van de bladeren van planten. Ze beschadigen planten omdat zij boren in het floëem (het weefsel dat suikers transporteert rond de plant). De plant verliest hierdoor turgor en reageert ook op het giftige speeksel van witte vlieg.

Witte vlieg kas

Omdat de witte vlieg samen leeft in grote groepen kunnen zij een plant snel helemaal decimeren. Hun impact kan zo ernstig zijn dat wanneer iemand tegen een blad aan veegt, een zwerm witte vliegen weg trekt, even fladdert en opnieuw landt aan de onderzijde van het blad. Ook scheiden zij honingdauw uit, wat weer een voedingsbron kan worden voor schimmels, terwijl de kleverigheid van dit materiaal ook een terminaal probleem kan worden voor sommige planten, zoals katoen.

De metamorfose van witte vlieg is opmerkelijk aangepast. Het leven begint met de onvolwassen stadia, wanneer de vliegen mobiele individuen zijn voor zij zich snel hechten aan een plant. Het stadium vóór volwassene wordt een pop genoemd, hoewel het technisch gezien niet hetzelfde is als de echte verpopping ondergaan door holometabolic insecten (complete metamorfose, zoals bij bijen en vlinders).

Een van de meest bekende soort is de Kas wittevlieg (Trialeurodes vaporariorum), die een schadelijk insect is in de glastuinbouw. Andere bekende soorten zijn de Silverleaf of Sweet potato whitefly (Bemisia argentifolii) en de Banded gevleugelde witte vlieg (Trialeurodes abutiloneus).

Bestrijding

De bestrijding van witte vlieg is moeilijk. De Kaswittevlieg heeft resistentie ontwikkeld tegen vele pesticiden. Het Amerikaanse ministerie van Landbouw adviseert besmetting te voorkomen, met het gebruik van een biologisch agens wanneer dat mogelijk is.

Zij adviseren de toepassing van gele, kleverige vallen om de aanwezigheid van witte vlieg te detecteren en alleen selectief insecticiden toe te passen. De witte vlieg kan ook worden bestreden met behulp van de natuurlijke vijanden zoals de sluipwesp. Dit roofdier insect jaagt witte vliegen voor voedsel en de larven van gaasvliegen vallen ook de witte vlieg aan om hen vervolgens leeg te zuigen.



Top 10 Autoflowering